Friday, November 16, 2012

Recensie: MARK #40, The Japanese House



Zoals meer mensen ben ik een heimelijke wannabe-architect. Had ik iets meer beta-gevoel en beter ruimtelijke inzicht, dan ontwierp ik duurzame cabins die samenspelen met hun landschap en verzon ik slimme oplossingen voor overbevolkte steden, in plaats van mijn impulsen te botvieren op de inrichting van mijn te kleine woonkamer. Bladerend door het Nederlandse architectuurblad Mark steekt dat verlangen onvermijdelijk de kop op. Hier niets dan imposante gebouwen, slimme constructies en aantrekkelijke huizen van over de hele wereld. Als je ze niet zelf had willen maken, dan zou je er op z’n minst in willen wonen. 
Door kelli van der waals.

Het tijdschrijft zelf is een robuust bouwwerk: groot, zwaar en gebonden met roestkleurig linnen. Op het voorblad prijkt een architectonisch logo, binnenin staan mooie lettertypes en foto’s die hun object eer aan doen. Je hoeft nauwelijks van architectuur te houden om warm te lopen voor deze plaatjes. Ook voor de lezer is het goed toeven in Mark, dat met een stevige hoeveelheid artikelen kijkt naar wat er gaande is in de internationale architectuurwereld – al begeleidt de tekst doorgaans het beeld, in plaats van andersom

Mark opent met een notice board, een genummerde selectie bouwontwerpen die het blad de moeite van het kennen waard vindt. Dan volgt een reeks korte stukken over bestaande gebouwen en minder voor de hand liggende zaken. Naast het nieuwe honkbalstadion van Miami en de gevel van een winkelcentrum in Brisbane, lees je hier over een architectonisch hoogstaand kippenhok en verkent Mark de bouwwerken in Moonrise Kingdom. Met een opvallend onhandig gebouwde boomhut – een klein huis bovenop een lange, kale stam – geeft deze nieuwste film van Wes Anderson de postmoderne shift weer die architectuur in de jaren zestig maakte, aldus Mark.
Ook maakte het blad een internationale kostenvergelijking aan de hand van een Ikea-tafeltje, legde deze ‘Lack Index’ langs de Big Mac Index van de The Economist en goot de vergelijking in een Ikea-gele infographic. Wat blijkt: in arme landen, waar de Big Mac het goedkoopst is, is de Lack het duurst, en andersom.
Het hart van het blad is gewijd aan onconventionele Japanse huizen: het thema van dit veertigste nummer. Ze zijn er bij Mark een beetje verslaafd aan, legt hoofdredacteur Arthur Wortmann uit, en toonden eerder al 166 van dit soort woningen. Zo’n vijftig bladzijden lang wordt de lezer ondergedompeld in een vertoning van wat misschien nog het best te beschrijven is als ruimtelijk vernuft. We zien zwarte kubussen en witte cilinders als huizen, en woningen onder de grond. Ze hebben entrees als verlengstuk van de straat, verdiepingen die als Tetris-steentjes in elkaar zijn geschoven en kamers op hoge etages die van buiten te betreden zijn. Dit soort woningen zijn voor de bewoners geen gimmicks of statements, maar droomhuizen, zegt Mark-redacteur Cathelijne Nuijsink.

Na deze Japanse romance is de redactie nog lang niet moe. Ze presenteert de lezer nog met mobiele architectuur in Berlijn, een ‘urban villa’ in Zwitserland en de pas voltooide Shard in Londen. En het wonderschone architectenleven, zoals van degenen die hun eigen bar ontwerpen. Of  de twee Chileens architecten die hun tijd verdelen tussen ontwerpen en windsurfen. Ze verhuisden van Santiago naar de kust en hebben daar nu een zelfgebouwd huis, met ‘de laptop op de heuvel en het surfboard op het strand’. Oh, had ik maar wat beter ruimtelijk inzicht.

Kelli van der Waals is mediawetenschapper en freelance journalist.

No comments:

Post a Comment